Tip van de maand: kies je producent zorgvuldig

Tip van de maand: kies je producent zorgvuldig

Een goede producent tilt je film naar een hoger plan. Het is daarom van belang om de keuze bij welke producent je je eigen filmplan neerlegt, zorgvuldig af te wegen. Als beginnend filmmaker kan dat soms moeilijk zijn, vaak ook vanwege het feit dat de keuze voor je wordt bepaald door andere betrokken partijen.

Mocht je nu wel de vrije keuze hebben, dan zou je zelf vast een eerste longlist kunnen maken op basis van de credits van films die jou aanstaan of die in het genre passen dat jij voor ogen hebt met jouw film-idee of scenario.  Vervolgens is het aan te raden om bij de keuze van een producent allereerst andere (meer ervaren) filmmakers te consulteren. Zij kunnen je op weg helpen en informeren over welke producenten het best bij jouw idee of scenario zouden passen.

Als je uiteindelijk tot een shortlist komt, ga dan niet in zee met de eerste producent die enthousiast reageert, maar leg het idee/scenario op z’n minst bij drie verschillende producenten neer.  Op die manier kun je aan de hand van de reacties bepalen welke producent het best bij jouw idee en (voorgenomen) werkwijze past, en welke producent de beste voorwaarden biedt. Uiteindelijk is immers een goede samenwerking met de producent belangrijk voor het tot stand brengen van de film.

Mocht je hierover vragen hebben, neem dan contact op met de DDG. De DDG kan je in contact brengen met andere filmmakers.

Ultrakorte animatiefilms 2018 in première

Het Filmfonds, Fonds 21 en Pathé schreven vorig jaar voor de negende maal een competitie uit voor de realisering van vier ultrakorte animatiefilms van 2 minuten. Met het project stimuleren de samenwerkende partijen een groot publieksbereik voor de Nederlandse animatiefilm. Op 26 juni beleefden de films de première in Pathé Tuschinski. Pathé vertoont ze vanaf begin augustus als voorfilm bij bioscoopfilms.

De Ultrakort animatiefilms 2018 zijn:

A Cup of Joe
Regie en scenario: Samantha Williams en Manon Roquas
Productie: Submarine in coproductie met Pedri Animation
Vertoond als voorfilm bij: The Meg vanaf 9 augustus

Tickets Please
Regie en scenario: Thijs Viegers
Productie: Armadillo Film
Vertoond als voorfilm bij: Johnny English Strikes Again vanaf 20 september

A Double Life
Regie & scenario: Job Roggeveen, Joris Oprins en Marieke Blaauw
Productie: Job, Joris & Marieke
Vertoond als voorfilm bij: The Girl In The Spiders Web vanaf 25 oktober

Cycle
Regie: Sophie Olga de Jong & Sytske Kok
Scenario: Sytske Kok
Productie: CinéTé Filmproduktie
Vertoond als voorfilm bij: The Nutcracker And The Four Realms vanaf 2 november

Het nieuwe Ultrakort-logo en de nieuwe leader zijn gemaakt door Irma Boom.

Bron: Filmfonds

Prijzen Keep an Eye Filmacademie Festival 2018

Tijdens de Dag voor Pers en Relaties reikten diverse partners prijzen uit aan eindexamenprojecten en studenten van Lichting 2018. Lichting 2018 studeert af tijdens het Keep an Eye Filmacademie Festival. De films zijn nog te zien tijdens de openbare vertoningen in EYE op donderdag 28 juni t/m zaterdag 30 juni.

De Keep an Eye Filmscore Award wordt dit jaar voor het eerst uitgereikt en gaat naar Tom Schipper
De award is bedoeld voor de beste componist van één van de eindexamenfilms van Lichting 2018. De jury bestond uit Robin Assen (filmcomponist, drummer), Michel Schöpping (sound designer) en Bob Zimmerman (filmcomponist). De prijs bestaat uit een geldbedrag van € 2.500,- te besteden aan verdere professionele ontwikkeling.

De Topkapi Films Fictie Prijs gaat dit jaar naar SISTERS
De jury bestond uit Marijn Bloemen (script editor Topkapi Films), Jaap Peter Enderle (scenarist), Dana Nechushtan (regisseur), Aaron Rookus (regisseur) en auteur/scenarist Manon Uphoff (auteur/scenarist). De prijs bestaat uit een reis voor de crew ter waarde van € 3.000 naar de Berlinale die van 7 – 17 februari 2019 plaatsvindt.

De AVROTROS Scenario Prijs gaat dit jaar naar Denise Rebergen
De jury bestond uit: Oscar van Woensel (schrijver, acteur, regisseur), Shariff Korver (regisseur), Astrid van Keulen (AVROTROS) en Ellen Dorrestein (AVROTROS). De prijs bestaat uit de bekostiging van een internationaal georiënteerde opleiding of training ter hoogte van maximaal € 7.500,-.

De Camera Rentals Commercial Award gaat naar cameraman en regisseur Victor Horstink
De jury bestond uit Daniel Bouquet (cinematographer), Bart Heijboer (Being There), Bas Pinkse (25 FPS), Pieter Scheltema (Being There) en Jacques Vereecken (The BoardRoom). De prijs bestaat uit huurapparatuur met een waarde van € 2.500,-.

De VPRO Documentaire Prijs gaat dit jaar naar de crew van Het Zaad van Karbaat
De jury bestond uit: Ruby Deelen, Stan van Engelen en Barbara Truyen (allen VPRO). De prijs bestaat uit een Golden Ticket voor maximaal 6 crewleden naar een Europees documentaire festival.

De KNF Prijs voor Beste Filmacademie Productie gaat naar Tot het Einde van de Wereld
De jury bestond uit: Sam Duijf (FilmTotaal, RektoVerso, The Cult Corner), Gudo Tienhooven (MovieInsiders), Ilse van der Velden (VPRO-gids, cinema.nl, VPRO-radio), Dineke de Zwaan (Cinemagazine, Uitagenda). De prijs bestaat uit een oorkonde.

Bron: Nederlandse Filmacademie

Werken voor een kratje bier… en meer onbillijke voorstellen

PERSBERICHT

Publicatie: Werken voor een kratje bier… en meer onbillijke voorstellen – Ervaringen met het auteurscontractenrecht juli 2015 – december 2017

Platform Makers, het samenwerkingsverband van vakbonden en beroepsorganisaties voor auteurs en artiesten waar de DDG ook deel van uit maakt, publiceert vandaag individuele ervaringen van makers met het auteurscontractenrecht. De voorlopige conclusie is zorgwekkend: de nieuwe wet bracht vooralsnog maar beperkt verandering in de daadwerkelijke contractpraktijk.

Het inkomen van makers en werkenden in de cultuur staat hoog op de politieke agenda. Het feit dat in de culturele sector sprake is van zeer scheve arbeidsverhoudingen wordt breed als een probleem ervaren, binnen de Tweede Kamer en binnen het kabinet. Het auteurs- en naburig recht, voor makers, essentieel voor het verkrijgen van inkomen, lijkt daarbij soms onderbelicht.

Bijna drie jaar geleden, op 1 juli 2015, werd het auteurscontractenrecht ingevoerd: een wettelijke bescherming van auteurs en artiesten tegen wurgcontracten. De bedoeling was makers niet langer aan het kortste eind te laten trekken, hen de ruimte te geven om te kunnen onderhandelen over goede voorwaarden en billijke vergoedingen. Vooralsnog zijn de effecten van de nieuwe wetgeving beperkt.

In “Werken voor een kratje bier… en meer onbillijke voorstellen” spreken diverse makers zich, soms anoniem, uit over de huidige contractpraktijk.

Publicatie Platform Makers: Werken voor een kratje bier… en meer onbillijke voorstellen

www.platformmakers.nl

Ena Sendijarevic: je moet de kijker niet onderschatten

Deel drie in de serie Filmmakers van Morgen. Ena Sendijarevic (30) kwam op haar zevende uit Bosnië naar Nederland om de oorlog daar te ontvluchten. Via een studie Filmwetenschappen in Berlijn kwam zij op de Nederlandse Film Academie in Amsterdam. Haar korte film Import werd geselecteerd voor  de Quinzaine des realisateurs in Cannes. Daarnaast won zij voor met haar films handenvol prijzen op internationale filmfestivals. Onlangs voltooide zij voor Pupkin Film haar eerste lange speelfilm Take Me Somewhere Nice

Je hebt je eerste speelfilm gemaakt Take Me Somewhere Nice. Is de montage al klaar?

Ena Sendijarevic: ‘De film is voor 99 % af. De montage en mix zijn klaar. Ik ben nu heel druk bezig met de poster, de trailer en het regie statement. Dat is nodig voor filmfestivals waar de film naar toe gaat. We gaan eerst een internationale première organiseren en dan komt de film in Nederland uit. Daarna komt hij in de bioscoop en waarschijnlijk bij de VPRO op televisie.

Waar gaat de film over?

Het gaat over een Bosnisch-Nederlands meisje dat een tijd doorbrengt in Bosnië. Het hoofdthema is identiteit, zowel nationale- als ook seksuele identiteit. De film werd in Bosnië en Nederland gedraaid. Het gaat ook over tussen twee culturen in zitten. De toon van de film is vervreemdend, speels. Komisch en ongemakkelijk tegelijkertijd, net zoals mijn eerdere werk. Ik vond de draaiperiode en het maakproces soms best zwaar. Ik haalde troost uit een citaat van Camus: ‘Any honest attempt of autobiography  is self destruction.’

Zelfdestructie, dat hoeft toch niet perse, het kan ook een catharsis zijn.

Als je eerlijk bent, kun je niet om je donkere kanten heen en het doet pijn om die onder ogen te zien. En om die te delen met de wereld. Uiteindelijk kan het leiden tot een catharsis. Eerst moet er iets schoongemaakt worden, je moet door het duister heen, voordat je bij de catharsis, de reiniging, uit kan komen.

Gaat de nieuwe film zijdelings over hoe het is om vluchteling te zijn?

Mijn film Import was iets explicieter over het vluchtelingschap, terwijl het eigenlijk meer over integratie gaat. Een jong gezin dat in een Nederlands dorp beland na de vlucht uit Bosnië. Hoe pas je je aan een nieuwe cultuur aan is het thema. De vlucht zelf doe je in een roes, er is een duidelijk doel: overleven. Maar tijdens het integratieproces worden de dingen troebeler, de doelen onduidelijker.

Fernweh gaat over een meisje uit een pleeggezin, dat niet kan aarden. Ik weet niet of het vluchten an sich mijn thema is, het heeft wel invloed op mijn werk denk ik. Import is op een bepaalde manier meer autobiografisch, deze nieuwe film is meer een onderzoek naar verlangen en herkomst.

Op je 7e jaar kwam je uit Bosnië naar Nederland?

In Take Me Somewhere Nice vraag ik me af, wat het betekent om onderdeel van een land, een natie te zijn. En wat er gebeurt wanneer je dat niet altijd zo voelt. Ik zie het niet slechts als vervelend, maar ik vind het interessant om al die tegenstrijdige kanten ervan in een werk te stoppen. Het is een groot verschil of je uit Finland of Alaska naar Nederland komt of uit Bosnië. Het is mijn lot geweest om hier in Nederland te komen; er zijn specifieke elementen aan de Bosnische en Nederlandse cultuur. Mijn ouders kozen voor Nederland.

Still uit Import

Het is opmerkelijk dat je in Import kiest voor een vorm met subtiele humor en absurdisme.

Ik vind mijn film gevoelsmatig realistischer dan wanneer je er een eenzijdig zware film over zou maken. Juist als mensen in een moeilijke situatie zitten, is het belangrijk dat het niet alleen als  donker en zwaar wordt ervaren. Dat is het cliché beeld. Het is de taak van de filmmaker om die gevoelens wat exacter te ontleden.

Een goed voorbeeld voor mij is de schrijver Albert Camus van De Vreemdeling (L’étranger). Maar ook Marguerite Duras ( L’amant). Deze schrijvers onderzoeken in hun literatuur hun existentie, vaak tussen verschillende culturen, op een speelse manier.

Zij zetten mij ook aan tot absurdisme. Die lichtvoetigheid laat zien, het leven gaat onverbiddelijk hard door en jij moet je maar aanpassen. Ik denk dat iedereen vroeg of laat de zin van het leven gaat bevragen. Hoe eerder hoe beter denk ik, dat is dan weer een voordeel van een andere jeugd.

In L’étranger sterft de moeder van het hoofdpersonage en in het verhaal gaat hij daar laconiek mee om. Later vermoordt hij nog iemand, maar uiteindelijk wordt hij gestraft voor het laconiek omgaan met de dood van zijn moeder. Het leuke van film maken is dat je kunt ontleden hoe iets er écht uitziet. Dat vind ik boeiender dan een replica maken van wat we al weten.

Ena: foto van Imke Panhuijzen

Het bijzondere in jouw korte films die ik heb gezien, Reizigers in de nacht, Fernweh en Import, vind ik dat je open plekken in het verhaal laat, zodat de kijker zelf kan interpreteren.

Ik vind dat je de kijker niet moet onderschatten. Ik denk niet dat de kijker dommer is dan ikzelf; als ik iets voel of denk dan verwacht ik dat de filmbezoeker dat begrijpt. Als je hem/haar wel onderschat, krijg je een vervelende wereld waarin alles uitgekauwd wordt en je je fantasie niet hoeft te gebruiken. Als ik zelf een boek lees of een film zie en merk dat de maker de kijker niet onderschat, dan krijg ik daar energie van en voel ik liefde voor die persoon. Het is de uitdaging van de filmmaker om de balans te vinden tussen soms open laten, maar ook richting en structuur geven.

Je moet wel communiceren.

Precies, uiteindelijk moet je wel communiceren. De kijker volgt jou in het verhaal, maar je weet soms niet precies waar je naar toe gaat in het verhaal. Het gebied van het niet weten, moet je niet te snel op willen vullen. Soms moet je het eerste antwoord dat opkomt weglaten, als je het gevoel hebt dat er iets beters gaat komen.

Iets over actrice Bien de Moor, zij speelt zowel in Reizigers in de Nacht als Fernweh. Zij heeft een bijzondere uitstraling, zeker een gezicht wat je bijblijft. Het acteren in jouw films vind ik ijzersterk op alle fronten.

Ik probeer de donkere kant van het leven ook een plek te geven in mijn werk. Bien was daar ook een middel toe. Zij heeft een bepaalde mystieke uitstraling. Zij straalt een verlangen uit. Ik voel me aangetrokken door dingen die we niet helemaal kunnen begrijpen. Ik wil in de casting niet al te veilige keuzes maken om ook die duistere kant toe te laten. Ik werk nu met een meisje van 17 in mijn nieuwe film, Sara Luna Zoric, een heel bijzonder mens. Zij combineert in haar ogen het donkere en het onschuldige.

Ik probeer dingen in mijn werk te stoppen die je niet in eerste instantie zal verwachten. Casting is daarbij enorm belangrijk, ik werk met een bureau maar maak de uiteindelijke beslissingen zelf. Ook de figuranten kies ik zelf.

Ik begrijp filmmakers die dat overlaten aan een casting director ook niet. Dat is je klei.

Precies dat is je verf en klei, ongelooflijk als je die niet zelf kiest.

Ik las dat je zei dat een goede film op een bepaalde manier persoonlijk moet zijn.

Persoonlijk betekent niet per se autobiografisch. Je voelt in een film of de maker er om geeft of niet. Dat ruik je als publiek, je merkt dat de maker er écht om geeft.

Hoe kun je in hemelsnaam een film maken als je er niet om geeft?

Als je een film maakt die van de lopende band komt, of als de maker zichzelf niet goed kent en iets maakt wat inwisselbaar is.

Ik bestrijd trouwens het idee dat een arthouse film geen groot publiek kan bereiken. Ik vind een film goed als ie wat toevoegt aan de wereld, als die je aan het denken zet. Belangrijk is ook dat de filmmaker verantwoordelijkheid neemt. Je zet iets op de wereld net als een kind. Daarbij komt ook nog dat je belastinggeld krijgt om iets te maken wat de samenleving beter maakt. Het moet uitdagen, maar dat betekent niet dat het saai moet zijn. Een goede film moet wel entertainen, of het nou art-house is of niet.

Een van de filmmakers die jou inspireren is Jim Jarmusch. In zijn film Down by Law is het eerste wat zijn hoofdpersonage doet als hij in de gevangenis beland  een raam tekenen op de muur in zijn cel. Dat is humor!

Het mooie van Jarmusch is dat hij de gekste dingen bedenkt en het gewoon uitvoert. Hij denkt niet dat vinden mensen vast suf, dom of te frivool. Ook dat is een balans, tussen licht en donker. Soms kun je in het scenario wat donkerder zijn, dan in de beelden die je uiteindelijk gaat maken met de camera. Net als er ook een evenwicht moet zijn om bij je eigen idee te blijven, maar ook de verbindingen met mensen op de set aan te gaan. Dat is moeilijk, dat kost het meeste energie. Ik probeer altijd te communiceren dat ik aan het zoeken ben en blijf zoeken. Mijn kracht is het stellen van de juiste vragen, de twijfel omarmen en het overwinnen van angsten.

Wat vind je van de DDG?

Ik heb mij aangemeld na mijn afstuderen op de Filmacademie. Mijn focus ligt nu meer op het starten van mijn carrière. Ik heb wel een keer gebruik gemaakt van de juridische adviezen bij de DDG. Ook ben ik geweest op een avond over auteursrechten. Ik vind het absurd dat de rechten van de filmmaker bij de producent komt te liggen.

Mores.online gelanceerd

Onafhankelijke meldpunt voor ongewenste omgangsvormen culturele sector: Mores.online.

Vandaag is het nieuwe, onafhankelijke meldpunt voor ongewenste omgangsvormen in de culturele sector gelanceerd. Mores.online is de toegankelijke, onafhankelijke en centrale plek waar iedereen die werkzaam is in de podiumkunsten, film- en televisiesector met zijn of haar verhaal terecht kan en misstanden aanhangig kan maken. Dit meldpunt is een aanvulling op de bestaande regelingen en protocollen die de individuele organisaties in de podiumkunsten, film- en televisiesector reeds hebben.

Dertig partijen uit genoemde sectoren hebben de handen ineengeslagen en het overkoepelend en vertrouwelijk meldpunt in het leven geroepen. Zij hebben gezamenlijk gedragsregels vastgelegd en twee onafhankelijke vertrouwenspersonen aangesteld. Dit gezamenlijke initiatief is erop gericht om een veilige werkomgeving te creëren.  En heeft als doel om ongewenste omgangsvormen te bestrijden en meldingen goed te behandelen.

Woordvoerder Marlies Oele, Nederlandse Associatie voor Podiumkunsten: “Wij maken ons sterk voor een gezonde en veilige werkomgeving, waar voor iedereen een plek is om misstanden te kunnen melden met de zekerheid ook gehoord te worden zonder angst.”

www.mores.online

#moresonline

De 30 ondersteunende organisaties zijn:
ACT Acteursbelangen, Animatie Producenten Nederland, Assistent Directors Club, Cinekid, Dutch Directors Guild, Documentaire Producenten Nederland, Dutch Academy For Film, EYE Filmmuseum, Filmproducenten Nederland, FNV Media & Cultuur, Fonds Podiumkunsten, Geluidsmensen, International Documentary Film Festival Amsterdam, International Film Festival Rotterdam, Het Nieuwe Instituut, Kunstenbond, Nederlands Film Festival, Nederlands Film Fonds, Nederlandse Agenten Associatie, Netwerk Scenarioschrijvers, Nederlandse Associatie voor Podiumkunsten, Nederlandse Beroepsvereniging van Film- en televisiemakers, Nederlandse Toonkunstenaarsbond, Nederlandse Vereniging van Cinema-Editors, Netherlands Society of Cinematographers, Onafhankelijke Televisie Producenten, The Location Bank, Verenigde Podiumkunstenfestivals, Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties, Vereniging Vrije Theater Producenten, Werkgeversvereniging Nederlandse Podia

Kort verslag Cultuurdebat Tweede Kamer – 30 mei 2018

In de Tweede Kamer vond op 30 mei 2018 het Algemeen Overleg plaats tussen cultuurwoordvoerders en minister van Engelshoven over de visiebrief ‘Cultuur in een open samenleving’. Er waren complimenten van vrijwel alle cultuurwoordvoerders (9 in totaal) aan het adres van de minister vanwege haar visie om cultuur te waarderen om de eigen waarde; in een samenleving zonder cultuur gedijen mensen niet. Veel waardering was er ook inhoudelijk voor haar aanpak en voor het feit dat weer in de cultuursector kan worden geïnvesteerd.Zeer vele onderwerpen passeerden de revue. Je kunt het debat terugkijken, via de App ‘Debat Direct’ van de Tweede Kamer (zie in de AppStore). En lees de Tweets via @kunsten92. Op een aantal onderwerpen heeft de minister toezeggingen gedaan, lees meer hieronder.

ENKELE HIGHLIGHTS:

Fatsoenlijke beloning

Breed draagvlak was er voor de Arbeidsmarktagenda. De Kamerleden deden goede voorstellen m.b.t. de noodzaak van ‘loon naar werk’ en een betere positie van de makers. Niet alleen op het gebied van pensioenen en verzekeringen, maar ook voor collectief onderhandelen voor zzp’ers en verdienmodellen – zoals een investeringsfonds voor de pop. Over het stimuleren van de toepassing van de Fair Practice Code, bijvoorbeeld door deze in de subsidievoorwaarden bij overheden op te nemen, was brede instemming in de Kamer. Daarbij werd wel de aantekening gemaakt dat met alleen deze code niet alles is opgelost. Er zal ook geld bij moeten. Men had veel waardering voor rol die de cultuursector zelf daarin speelt, maar benadrukte dat ook de overheid hierin een belangrijke rol heeft te vervullen. Het belang van steun voor uitvoering van de Arbeidsmarktagenda door de regiegroep en de Fair Practice Code werd door de minister onderstreept. De minister (die erg geschrokken zei te zijn van de erbarmelijke omstandigheden waarin veel kunstenaars hun brood moeten zien te verdienen) reageerde positief op het verzoek om niet te wachten tot de volgende cultuurnotaperiode, maar om ook in 2019 maatregelen te nemen die een betere honorering in de sector mogelijk maken. De minister werd aangemoedigd om op de terreinen waarop het kabinet zelf invloed kan uitoefenen, bijvoorbeeld bij de publieke omroep, actie te ondernemen. De minister heeft beloofd het met haar collega Slob, die verantwoordelijk is voor media, op te nemen.


Cultuureducatie

Veel aandacht was er voor cultuureducatie en de maatregelen die worden voorgesteld om ieder kind met cultuur in aanraking te laten komen. Zo was de Kamer positief over het plan om museumbezoek voor alle scholieren te organiseren. De Kamerleden willen wel graag dat de minister breder kijkt naar andere cultuurgebieden en dat zij daarbij ook gemeenten stimuleert om in meer buitenschoolse activiteiten te investeren, bijvoorbeeld in centra voor cultuureducatie, muziekverenigingen en ruimten voor jongeren om te repeteren en te presenteren. Bij filmeducatie kunnen mogelijkheden beter benut worden, zo vinden de Kamerleden. Ook was er een pleidooi voor de vakdocent terug in de klas.
De minister is niet ingegaan op het voorstel om te zoeken naar een andere wijze van financiering van museumbezoek dan via de onderwijsbegroting. Echter, Kunsten ’92 vindt dat – gelet op de kritiek op lumpsum-financiering bij onderwijs en het aflopen van de zogenoemde Prestatiebox in 2020 – dit het juiste moment zou zijn om met alternatieve financieringswijzen te experimenteren.


Rijk versus regio’s

Over de ontwikkeling van regioprofielen en de inrichting van de volgende cultuurnotaperiode (2021 – 2024) waren veel vragen. De minister heeft hierover op 14 juni a.s. overleg met gemeentelijke en regionale bestuurders. De Kamerleden willen graag weten welke vragen zij aan hen gaat stellen, hoe zij de verwachtingen gaat managen en hoe zij de rol van Basisinfrastructuur en fondsen ziet. De minister heeft aangegeven dat het proces van de regioprofielen nog niet in beton is gegoten. Zij hoopt een efficiency-slag te kunnen maken door betere samenwerking. Zij benadrukte nog eens dat zij erop rekent dat regioplannen die inspireren, en waar regio’s ook in willen investeren, tot vruchtbare samenwerking kunnen leiden.

De minister antwoordde eveneens bevestigend op de vraag van GroenLinks om naast de ontwikkeling van regioplannen ook andere, eventueel aanvullende stimuleringsmaatregelen te onderzoeken, zoals ook voorgesteld door Kunsten ’92. D66 verzocht de minister om de Kamerleden tijdig te informeren over de vragen die zij aan de regio’s gaat stellen en hoe het proces verloopt. Dat is dus voordat zij met de regio’s een adviesaanvraag aan de Raad voor Cultuur stuurt.


Toezeggingen door de minister aan de Tweede Kamer (opgetekend door de griffier van de Tweede Kamer):

  • De Kamer ontvangt deze zomer de Monitor Cultuureducatie.
  • De Kamer ontvangt ruim voor de begrotingsbehandeling van november een brief over de besteding van de cultuurmiddelen. Hierin zal zij ook ingaan op: stimulering van collectief overleg over arbeidsvoorwaarden; de mogelijke vormgeving van filmeducatie; de relatie BTW en film; de ratificatie van het Faro-verdrag.
  • De Kamer ontvangt binnen een paar weken de brief ‘Erfgoed Telt’. Hierin wordt ook ingegaan op de koppeling “publiek gebruik en toegankelijkheid van erfgoed”.
  • In de te verwachten reactie van de minister op het advies van de Raad voor Cultuur over musea zal zij ook ingaan op behoud van expertise, zoals bij conservatoren.
  • Na de zomer komt de minister terug op het Investeringsfonds Popmuziek.
  • De minister komt schriftelijk terug op de constatering van de Algemene Rekenkamer inzake controle op cultuursubsidies.
    In het verre najaar ontvangt de Kamer de adviesaanvraag aan de Raad voor Cultuur inzake de nieuwe cultuurnotaperiode. Hierin wordt uitgebreid ingegaan op de relatie BIS en fondsen.
  • De Kamer ontvangt spoedig een brief over de motie van de leden Rog/Dik-Faber inzake monumentale kerken en de verdeling van de beschikbare 30 miljoen euro. 

Spelregie Workshop Mijke de Jong

Spelregie behoort tot de meest essentiële onderdelen van het regisseren van drama. Op veel opleidingen blijft spelregie echter onderbelicht. Ook is er later in de beroepspraktijk door tijdsdruk weinig ruimte een eigen spelregiestijl te ontwikkelen. Bij veel regisseurs bestaat dan ook de behoefte om hun ervaring met spelregie uit te breiden.

Vanwege het succes van de workshop in 2017 en omdat er vorig jaar enorm veel aanmeldingen binnen kwamen, waarvan we maar 8 konden honoreren, heeft het DDG bestuur besloten Mijke de Jong ook in 2018 te vragen een spelregie workshop te geven. Deze gaat gedurende zes dagen plaatsvinden begin september in Q Factory te Amsterdam. Aan de workshop kunnen 8 regisseurs deelnemen, zodat iedereen voldoende persoonlijke aandacht krijgt.

Mijke heeft de volgende aandachtspunten voor ogen bij de workshop: 

  • Het ontwikkelen van het karakter, de basis voor grillig en gelaagd spel. Mijke werkt veel met – streng geleide – improvisatie en benoemt hoe je deze kunt inzetten in het repetitieproces om het karakter meer diepte te geven. Improvisatie is een krachtig middel, maar alleen als je het goed voorbereidt en weet waarom je het gebruikt. Haar ervaring is dat veel regisseurs niet precies weten wat ze met deze methode aan moeten.
  • Mijke neemt niet de dialoog als uitgangspunt maar concentreert zich op alle vormen van communicatie die een acteur tot zijn beschikking heeft zoals bijv. lichaamstaal, en sub tekst; ze leert regisseurs hoe ze moeten omgaan met lichaamstaal en hoe ze die moeten sturen. Hoe je de gelaagde vaak onbewuste lichaamstaal of mooie versprekingen die ontstaan tijdens een improvisatie, moet vertalen naar de opnames.
  • Bij het filmen willen de meeste regisseurs een lange repetitieperiode, maar die is er lang niet altijd. Daarom geeft ze ook graag tips voor het werken onder minimale omstandigheden: geen repetitietijd, stress op de set, miscommunicatie enz.

Data/Locatie
De workshop vindt plaats gedurende zes dagen, te weten van maandag 3 t/m vrijdag 7 september en op maandag 10 september in de XL Studio en de Theaterzaal van Q Factory, Atlantisplein 1,  Amsterdam. Deelnemers worden geacht alle dagen aanwezig te zijn.

Opzet workshop
Ter voorbereiding op de workshop moeten de deelnemers een aantal films van Mijke bekijken, zodat iedereen weet wat zij ongeveer doet. Een daarvan is Tussenstand. Hierover mag iedereen vragen bedenken.
Op dag 2, 3, 4 en 5 wordt gebruik gemaakt van acteurs. Deelnemers mogen zelf twee acteurs meenemen waar ze al eerder mee gewerkt hebben of met wie ze graag zouden willen werken. Lukt dit niet dan kan er ook gebruik gemaakt worden van acteurs die via ACT Acteursbelangen hebben laten weten aan de workshop mee te willen werken. ACT gaat hiervoor voor de zomer een oproep de deur uitdoen.

Dag 1: maandag 3 september 9.45 – 17.00 uur   
Theorie en vragen behandelen / casting / voorbereiding / repetitie
Bv. Wat te doen als een scène niet blijkt te werken. Hoe los je ter plekke problemen op.
Ook wordt er een begin gemaakt met het verzinnen van een scène.
Filmfragmenten bekijken. Dit allemaal ter voorbereiding op dag 2.


Dag 2 & dag 3: dinsdag & woensdag 4 & 5 september 9.45 – 17.00 uur

Schrijven van een scène die voldoet aan de uitgangspunten die nodig zijn voor improvisatie en deze klassikaal behandelen.
Middag van dag 2: kennismaking met de acteurs.
Dag 3: Regisseur en acteurs werken samen aan de scène en bereiden zich voor op de opnames.


Dag 4 & dag 5: 
donderdag 6 en vrijdag 7 september 9.45 – 17.00 uur
Opnemen van de zelfgeschreven scènes met de acteurs. 
Elke regisseur krijgt gedurende twee uur de tijd om de zelfgeschreven scène op te nemen met de acteurs.
Overige deelnemers zijn aanwezig bij de opnames en kijken toe.


Dag 6:  
Maandag 11 september 10.00 – 17.00 uur
Op deze dag worden de acht scènes vertoond en besproken, die iedereen in het weekend zelf heeft gemonteerd op de eigen laptop. Ook zullen de persoonlijke leerpunten per deelnemer aan de orde komen en zal de workshop worden geëvalueerd.


Kosten:
 Deelname aan de workshop bedraagt 350 euro. Gespreide betaling in twee delen is mogelijk.

Interesse om mee te doen? Laat het ons weten op events@directorsguild.nl o.v.v. workshop spelregie. Stuur ons je CV en je motivatie voor vrijdag 22 juni.  De selectie zal worden bepaald door Mijke in samenspraak met het DDG-bureau. In de laatste week van juni zal iedereen horen of hij/zij geselecteerd is voor de workshop.

Lees hier het verslag van de workshop van vorig jaar, dat geeft een goed beeld van wat er allemaal gaat gebeuren:
https://www.directorsguild.nl/improviseren-is-niet-zomaar-dingen-zeggen-en-hopen-dat-het-goed-komt/

Deze workshop is mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van het Nederlands Filmfonds. 

DDG Avond 11 juni: Sport in de Film

Op de DDG Avond in juni draait alles om Sport in de Film

Gast op deze avond is Dirk Jan Roeleven (1961). Dirk Jan werkt voor de NPS-programma’s Andere TijdenZembla en Het uur van de wolf. Hij maakte onder meer sportdocumentaires waaronder Nieuwe Helden. Een uniek-inside verhaal van een wielerploeg Argos-Shimano dat wil bewijzen dat je ook zonder doping kunt winnen.
Daarnaast maakte hij  portretten van Frans Timmermans, Louis van Gaal, Anton Corbijn, Willem Wilmink, Willem Ruis, Pim Fortuyn en Wim Sonneveld. Hij publiceert over wielrennen en hardlopen in onder andere De Muur en Runner’s World en schreef o.a. het boek De nieuwe fiets.

In een vraag gesprek met regisseur Doesjka van Hoogdalem vertelt hij over de kunst van het maken van sportdocumentaires aan de hand van fragmenten van Nieuwe Helden en andere sportfilms: vraagt filmen van sporters een bepaalde discipline? Wat zijn de valkuilen? Zijn sporters benaderbaar?

Ook te gast is: Victor Vroegindeweij. Van Victor vertonen we deze avond de documentaire The Last Fight, over vechtsportster Marloes Coenen die midden dertig is als ze besluit om haar bokshandschoenen aan de wilgen te hangen.

Met haar coach Martijn de Jong en partner Roemer Trompert stippelt ze de eindfase van haar indrukwekkende loopbaan als MMA (mixed martial arts)-vechter uit. Regisseur Victor Vroegindeweij volgt haar gedurende die maanden. In zijn kenmerkende stijl, waarin hij ruimte en intimiteit – het grote geheel en het onverwachte detail – verbindt, toont hij Coenens inspanningen als de laatste adembenemende meters voor de finale. Wacht haar daar triomf of teleurstelling? Hoe groot zijn de offers die ze moet brengen, hoeveel kan haar lichaam aan? En wat gaat er schuil achter dat fijn getekende, intense gezicht? De beslotenheid van de trainingssessies, waar ze zenuwen, pijn en twijfel kan tonen, contrasteert met haar publieke optredens in de kooi: strak ingevlochten haar, glimmend wasbordje en adrenaline-rush. Terwijl het trappen, stoten, worstelen, ontwijken en incasseren tot een choreografie wordt, reflecteert de voice-over op de vraag wat de essentie van het vechten is.

Na de vertoning zal Doesjka in gesprek gaan met Victor en is er ruimte voor een Q&A met de zaal.

Zin om te komen? Bestel je gratis kaartje hierDe trailer van The Last Fight staat onder deze mail.

Datum: maandag 11 juni
Locatie: Het Ketelhuis
Aanvang: 20.00 uur
Toegang: gratis

Tip van de maand: Afwijkende of aanvullende afspraken altijd schriftelijk bevestigen

Tip van de maand: Afwijkende of aanvullende afspraken altijd schriftelijk bevestigen.

Helaas komt het maar al te vaak voor; je denkt dat je een goede afspraak met bijvoorbeeld een producent hebt gemaakt, maar tóch ontstaat er ruzie. Vaak heeft ieder dan een eigen, en ander, idee over wat de afspraak inhoudt.

Meestal heb je een contract, waarin de basisafspraken al zijn vastgelegd. Maar gedurende het productieproces kunnen er dingen veranderen of is er simpelweg sprake van voortschrijdend (artistiek) inzicht over bepaalde zaken. Het kan dan gaan om verschuivingen in de begroting of andere of aanvullende werkzaamheden die je als regisseur moet verrichten.

Naar Nederlands recht zijn mondelinge afspraken bindend. Maar om nu te voorkomen dat er verschillende interpretaties van de afspraken ontstaan, én als bewijs van de gemaakte afspraken, is het sterk aan te raden om (van het contract afwijkende of aanvullende) afspraken altijd schriftelijk te bevestigen. Dat kan simpelweg in een mailtje, met een inleidende tekst als ‘ter bevestiging bij deze de gemaakte afspraken’. Je kunt de mail afsluiten met iets als ‘zonder tegenbericht vertrouw ik je akkoord met bovenstaande’. Mochten de afspraken gemaakt zijn in een productiebespreking, dan is het aan te raden om een gespreksverslagje te maken en aan de producent toe te sturen. Ook daarvoor geldt de melding:  ‘zonder tegenbericht vertrouw ik je akkoord met het verslag’.

Mocht je naar aanleiding hiervan nog vragen hebben, of hulp nodig hebben, neem dan contact op met de DDG.