Winnaars IDFA bekend

De IDFA Award for Best Feature-Length Documentary gaat naar Anand Patwardhan voor ReasonDe IDFA Special Jury Award for Best Feature-Length Documentary gaat naar Los Reyes van Bettina Perut en Iván Osnovikoff.Giacinto Scelsi. The First Motion of the Immovable van Sebastiano d’Ayala Valva kreeg de IDFA Award for Best First Appearance en Kabul, City in the Wind van Aboozar Amini won de IDFA Special Jury Award for First Appearance.De Beeld en Geluid IDFA Award for Dutch Documentary gaat naar ‘Now something is slowly changing’ van mint film office. But Now Is Perfect van Carin Goeijers kreeg de IDFA Special Jury Award for Dutch Documentary. Aan het begin van de avond reikte Reber Dosky het Prins Bernhard Cultuurfonds Documentary Stipendium (€ 50.000) uit aan filmmaker Sophie Dros.Op vrijdagavond 23 november wordt de winnaar van de VPRO IDFA Audience Award bekendgemaakt.

IDFA Award for Best Feature-Length Documentary

Anand Patwardhan won de IDFA Award for Best Feature-Length Documentary (€ 15.000) met Reason (India). De film is een diepgaande verkenning van de Indiase samenleving, waar mensen die opstaan tegen het opkomende religieus-nationalistische fundamentalisme hun leven niet zeker zijn.Uit het juryrapport:De IDFA Award for Best Feature-Length Documentary is unaniem toegekend aan Reason van Anand Patwardhan voor het epische verhaal van de opkomst van extreem-rechts in een van de meest bevolkte landen van deze planeet, het geweld van religieuze en ultranationalistische milities met de steun van autoriteiten en dominante media, de waardigheid van verzet in meerdere vormen, vaak ten koste van het leven, op een manier die de complexiteit van de situatie erkent, maar die in een zeer begrijpelijke vorm wordt weergegeven.Daarnaast reikte de jury de IDFA Special Jury Award for Feature-Length Documentary (€ 2.500) uit aan Los Reyes (Chili, Duitsland) van Bettina Perut en Iván Osnovikoff. In deze bijna sprookjesachtige film zijn de fenomenale, dromerige beelden geheel gewijd aan het subtiele spel tussen twee honden, die zich vermaken met een bal, een stok, een steen en met elkaar.Uit het juryrapport:De IDFA Special Jury Award for Feature-Length Documentary gaat naar Los Reyes van Bettina Peru ten Iván Osnivikoff (Chili) voor de creatieve en mooie manier waarop het de blik van de kijker verdringt door associatie van een verstandige blik op geweldige niet-menselijke personages en de soundtrack die het dagelijkse leven van dieren en menselijke zwerfhonden met elkaar verbindt.

De jury van de IDFA Competition for Feature-Length Documentary bestond uit Daniela Elstner, Jean-Michel Frodon, TalaHadid, Mahamat-Saleh Haroun en Alina Marazzi.

IDFA Award for Best First Appearance

Sebastiano d’Ayala Valva won de IDFA Award for Best First Appearance (€ 10.000) voor Giacinto Scelsi. The First Motion of the Immovable (Frankrijk, Italië).Aboozar Amini won de IDFA Special Jury Award for First Appearance (€ 2.500), ter nagedachtenis aan Peter Wintonick voor Kabul, City in the Wind (Nederland, Afghanistan, Japan, Duitsland).De juryleden voor de IDFA Competition for First Appearance waren Catherine Dussart, Ross McElwee, Avi Mograbi, Jean Perret en Adina Pintilie.De IDFA Competition for First Appearance wordt mogelijk gemaakt door de Vrienden van IDFA.

IDFA Award for Best Mid-Length Documentary

De IDFA Award for Best Mid-Length Documentary (€ 10.000) werd toegekend aan Andrei Kutsila voor Summa (Polen, Wit-Rusland).De IDFA Special Jury Award for Mid-Length Documentary (€ 2.500) ging naar In Touch(Polen, IJsland) van Pawel Ziemilski.De juryleden van de IDFA Competition for Mid-Length Documentary waren Leah Giblin, Everardo Gonzalez en Marc Isaacs.

IDFA DocLab Award for Digital Storytelling

Ross Goodwin heeft de IDFA DocLab Award for Digital Storytelling (€ 5.000) gewonnen voor1 the Road (Verenigde Staten).De juryleden voor IDFA DocLab Competition for Digital Storytelling waren Dries Depoorter, Joël Ronez en Mandy Rose.

IDFA DocLab Award for Immersive Non-Fiction

De IDFA DocLab Award for Immersive Non-Fiction (€ 5.000) ging naar Eat | Tech | Kitchen(Nederland, Verenigde Staten) van Klasien van de Zandschulp & Emilie Baltz.De juryleden voor IDFA DocLab Competition for Immersive Non-Fiction waren Mads Damsbo, Ali Eslami en Luna Maurer.

Beeld en Geluid IDFA Award for Dutch Documentary

De Beeld en Geluid IDFA Award for Dutch Documentary (€ 7.500) ging naar ‘Now something is slowly changing’ van mint film office. Carin Goeijers ontving de IDFA Special Jury Award for Dutch Documentary (€ 2.500) voor But Now Is Perfect.De juryleden voor de IDFA Competition for Dutch Documentary waren Catherine Bizern, Eduardo Escorel en Alisa Lebow. Mogelijk gemaakt door het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid.

IDFA Award for Short Documentary

I Signed the Petition (Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Zwitsersland) van Mahdi Fleifel heeft de IDFA Award for Best Short Documentary (€ 5.000) gewonnen.De IDFA Special Jury Award for Short Documentary (€ 2.500) ging naar And What Is the Summer Saying (India) van Payal Kapadia.De juryleden voor de IDFA Competition for Short Documentary waren Catherine van Campen, Inadelso Cossa, en Huka Hama.

IDFA Award for Student Documentary

Beryl Magoko heeft de IDFA Award for Best Student Documentary gewonnen voor In Search…(Duitsland, Kenia).De IDFA Special Jury Award for Student Documentary werd uitgereikt aan Dana Gelman voor Backwards (Israël).De juryleden voor de IDFA Competition for Student Documentary waren Klaudiusz Chrostowski, Serra Ciliv, en Pauline Terreehorst.

IDFA Award for Best Children’s Documentary

De IDFA Award for Best Children’s Documentary (€ 5.000) ging naar Dancing for You(Polen) van Katarzyna Lesisz.Martijn Blekendaal ontving de IDFA Special Jury Award for Children’s Documentary (€ 2.500) voor The Man Who Looked Beyond the Horizon (Nederland).De jury voor de IDFA Competition for Kids & Docs bestond uit Ingvil Giske, Pawel Lozinski en Shamira Raphaëla.Het IDFA competitieprogramma 2018 werd mede mogelijk gemaakt door Ammodo.Los Reyes, winnaar van de IDFA Special Jury Award for Feature-Length Documentary en Kabul, City in the Wind, winnaar van de IDFA Special Jury Award for First Appearance, kregen ondersteuning van het IDFA Bertha Fund Europe International Co-production program, mogelijk gemaakt door Creative Europe Media Program en Bertha Foundation.

Meer Awards

Aan het begin van de avond reikte Reber Dosky het Prins Bernhard Cultuurfonds Documentary Stipendium (€ 50.000) uit aan filmmaker Sophie Dros. Het stipendium van 50.000 euro voor het maken van een nieuwe documentaire werd gedoneerd door een anonieme sponsor, die het stipendium mogelijk heeft gemaakt via het Cultuurfonds.De Amsterdam Human Rights Award (€ 25.000) werd dinsdagavond uitgereikt aan Island of The Hungry Ghosts (Duitsland, Verenigd Koninkrijk, Australië) van Gabrielle Brady. De prijs werd mogelijk gemaakt door de gemeente Amsterdam.Het festival loopt tot zondag 25 november. Op vrijdagavond 23 november wordt de winnaar van de VPRO IDFA publieksprijs (€ 5.000) aangekondigd tijdens de uitzending van de Best of IDFA: Audience Award 2018, om 22:45 uur op NPO2.IDFA’s competitieprogramma 2018 wordt mogelijk gemaakt door Ammodo.Los Reyes, winnaar van de IDFA Special Jury Award for Feature-Length Documentary, en Kabul, City in the Wind, winnaar van de IDFA Special Jury Award for First Appearance, ontvingen steun van IDFA Bertha Fund Europe International Co-production program, mogelijk gemaakt door Creative Europe Media Program en Bertha Foundation.

IDFA 2018: Van Ingmar Bergman tot Baltisch Collectief

IDFA 2018 Blog 1:  Van Ingmar Bergman tot Baltisch Collectief

Margarethe von Trotta(1942), de Duitse filmmaker (Die Bleierne Zeit, Schwestern) maakte een prachtig gebalanceerd en inzicht biedend portret van de grote Zweedse filmregisseur Ingmar Bergman. Searching for Ingmar Bergman begint met een van zijn eerste films Het zevende zegel, met de beroemde scène waarin een ridder schaakt met de Dood. In prachtig zwart wit gedraaide beelden. Dit was de eerste film die von Trotta zag en daardoor raakte ze gefascineerd door het werk van Bergman. Met name in zijn regie van de acteurs en actrices in het bijzonder, de psychologische diepgang en de heldere mise- en -scène.

Von Trotta ontdekte tot haar grote verrassing  dat haar film Die Bleierne Zeit in Bergman’s top 10 van films staat, als enige vrouwelijke maker. Zij gaat op zoek naar de gecompliceerde mens Bergman. Ze zoekt actrices, familie, vrienden en andere filmmakers op om hun licht te laten schijnen over Bergman, die met Fellini, Tarkovski, Bresson en Chaplin tot de grootste cineasten behoort.

Expressiemiddel

Liv Ullmann, één van Bergman’s zes echtgenotes, en actrice in 11 van zijn films, spreekt over zijn liefde en grote aandacht voor acteurs. En over zijn grote drang alles op de set in de hand te hebben. Zijn filmende zoon Daniel, die uiterlijk veel op hem lijkt, vertelt dat hij meer aandacht had voor zijn acteurs, dan voor zijn eigen kinderen. Samen met zijn vader maakte Daniel een film Sunday’s Children, waarvan Ingmar het scenario schreef en Daniel de regie deed. Ingmar wilde dat Daniel een scène zou schrappen, maar dat weigerde hij.

Andere filmers zoals de eloquente Fransman Olivier Assayas (L’Eaux Froide, Personal Shopper) benadrukken het belang van Bergman voor de Europese cinema. Met name zijn acteursregie en de onverschrokkenheid in zijn universele en existentiële thematiek. Relatieperikelen, een onvermogen tot echte communicatie en de verhouding van mens tot God. Hij was de eerste filmmaker die film gebruikte als expressiemiddel en daarmee de weg baande voor andere filmmakers. De Nouvelle Vague makers als Truffaut, Godard en Chabrol droegen de Zweed op handen. Bergman beïnvloedde ook Assayas in het gebruik van prachtige extreme close up’s van de gezichten van zijn acteurs.

[embedded content]

Baltische Nouvelle Vague

De film Bridges of Time is precies het soort film waar ik van houd. Het begint met een mijmering over het aardse leven en het hemelse leven, het landschap van de ziel. Met prachtige landschappen, mooi sterke gegroefde koppen van filmers met wit haar en baarden en wonderbaarlijke zwart wit fragmenten uit oude documentaires van de jaren zestig. De documentaristen Kristine Briede en Audrius Stonys zoeken de cineasten van toen op en smeden heden en verleden tot eenheid. De filmmakers werden de  Nouvelle Vague van de Baltische staten genoemd; Estland, Letland en Litouwen. Zij maakten artistieke en metafysische films, die zich afzetten tegen de propagandistische filmtaal van die tijd. De centrale vraag is wat betekent het om een documentairemaker te zijn? Seleckis één van de filmmakers zegt: ‘we bestudeerden de mens met alle middelen die we hadden. We beschikten over een camera en tijd.’

[embedded content]

Oproep DE STRAAT

De NTR, BNNVARA, VPRO, NPO-fonds, Nederlands Filmfonds en het CoBO maken zich sterk voor de ontwikkeling van film- en televisiedramatalent. Voor ‘nieuwe makers’ organiseren zij DE STRAAT (werktitel), een talentontwikkelingstraject in het verlengde van de serie CENTRAAL.

DE STRAAT is een dramareeks die bestaat uit zes afleveringen van 45 minuten, die verbonden worden door één locatie.

Locatie

Een lange stadse straat, aan beide zijden begrensd door portiekflats en rijtjeshuizen die hier en daar worden onderbroken door een café of winkel. Het is een komen en gaan van bewoners en bezoekers, bladblazers en fietskoeriers, terwijl in de huizen daaromheen de levens van mensen uit diverse lagen van de bevolking zich voltrekken. De straat is een plek waar verschillende generaties en culturen samenleven en worstelen met de kwesties van nu. Met het kiezen van je eigen pad, met thuishoren, met zinvol bijdragen, met identiteitsvorming, met hoge verwachtingen en grote teleurstellingen. Achter elk venster schuilt een nieuwe vertelling; ieder speelt de hoofdrol in zijn eigen verhaal.

Deze locatie, een voedingsbodem voor duizenden verhalen, is het uitgangspunt voor een reeks die geworteld is in de hedendaagse diverse samenleving. Voorbeelden van mogelijke straten zijn de Kanaalstraat in Utrecht en de Javastraat in Amsterdam.

Net als bij de serie CENTRAAL zal in DE STRAAT de hoofdlocatie een cruciale rol spelen binnen de verschillende vertellingen. Dit betekent niet dat de hele aflevering zich in de straat zelf moet afspelen, gebeurtenissen kunnen zich ook daarbuiten voltrekken. Dit kan, maar hoeft niet. Het staat makers vrij om hun aflevering naar eigen inzicht vorm te geven, verscheidenheid wordt aangemoedigd.

Serie

De zelfstandige verhalen van DE STRAAT zijn met elkaar verbonden door de locatie en hun personages. Om van het geheel een aansprekende serie te maken, zullen de scenaristen en regisseurs in verschillende stadia met elkaar om de tafel gaan om verbinding tussen hun verhalen te zoeken en omarmen. Dit gebeurt onder het coördinerend oog van een seriesupervisor die deze sessies zal begeleiden. Bereidheid om samen na te denken over het geheel is van groot belang. Openheid en nieuwsgierigheid naar elkaars verhalen is nodig, zodat DE STRAAT geen verzameling losse verhalen wordt, maar een verrassende serie.

Oproep

Men zoekt toegankelijke, krachtig vertelde en originele verhalen (geen adaptaties) met cinematografische kwaliteit. De serie wordt uitgezonden op NPO 3, met als primaire doelgroep kijkers tussen de 20-34 jaar. Alleen plannen waarin de straat een cruciale rol speelt komen in aanmerking voor selectie. De verhalen hoeven zich niet puur te beperken tot deze locatie. Genres kunnen zeer uiteenlopend zijn, zolang ze maar hedendaags zijn.

In totaal worden twaalf plannen geselecteerd voor ontwikkeling van een treatment. Hiervan gaan zes treatments door naar de scenariofase. Net zoals bij de CENTRAAL-reeks zullen de scripts worden ontwikkeld door teams van scenaristen, regisseurs en producenten in samenwerking met dramaturgen van de omroepen.

 

Online

Naast de uitzending op televisie is er ook de intentie om een online component (bijv. rond social media/podcast) voor DE STRAAT te ontwikkelen. Geselecteerde makers worden uitgenodigd daarover mee te denken.

WIE KOMEN IN AANMERKING?

Producenten, regisseurs en scenaristen worden uitgenodigd om hun plannen bij voorkeur in teamverband in te dienen. Makers dienen in de ontwikkelingsperiode in Nederland beschikbaar te zijn. Voor zowel regisseurs als scenaristen geldt dat zij in Nederland woonachtig en werkzaam dienen te zijn. Makers van verschillende culturele achtergronden worden nadrukkelijk uitgenodigd te reageren.

Producenten

Producenten kunnen maximaal twee projecten indienen. Een producent dient minimaal twee jaar in Nederland te zijn ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Van producenten die zich aanmelden wordt verwacht dat zij beschikken over relevante ervaring (minimaal twee vrije producties gerealiseerd en uitgebracht), en oprechte en aantoonbare affiniteit met ontwikkeling van jong talent in het kader van film én televisie.

Regisseurs en scenaristen

DE STRAAT richt zich op beginnende regisseurs en zowel op ervaren als minder ervaren schrijvers. Van regisseurs wordt, naast een relevante opleiding, verlangd dat zij minimaal één gerealiseerde (korte) fictiefilm op hun naam hebben staan en dat ze nog geen, door de fondsen ondersteunde, lange speelfilm gerealiseerd hebben. Regisseurs kunnen zich met maximaal één project aanmelden. Van scenaristen moet tenminste één drama- of filmscenario zijn gerealiseerd. Zij kunnen zich met maximaal twee projecten aanmelden.

Criteria

Richtlijnen, voorwaarden en aanmeldingsformulier zijn te vinden op www.onenightstandoptv.nl. De zes voor realisering geselecteerde afleveringen worden door de betrokken producenten en omroepen doorontwikkeld en geproduceerd.

Het productiebudget per aflevering van 45 minuten is €264.000,-.
Uitzending van de serie staat gepland voor najaar 2020, we beogen een première tijdens het Nederlands Film Festival 2020.

Indiening

De uiterste indiendatum is 21 januari 2019 vóór 12.00 uur, via destraat@ntr.nl. De aanmelding bestaat uit één document van maximaal 15 pagina’s met daarin:

  • Een synopsis (inclusief logline) van maximaal 2 pagina’s
  • Een regievisie met een toelichting van de persoonlijke stijl en motivatie
  • Curriculum vitae van scenarist, regisseur en producent
  • Eerder gerealiseerd werk, bestaande uit maximaal 2 voorbeelden, via een URL (trailers volstaan niet)
  • Toelichting, motivatie en visie van de producent
  • Recent uittreksel KvK productiemaatschappij

Gevraagde info aanleveren in één PDF-bestand (inclusief inhoudsopgave, alle bijlagen en URL-adressen voor eerder werk). Het PDF-bestand dient geen documentbeperkingen (afdrukken, kopiëren inhoud etc.) te bevatten.

Bekendmaking uitslag

De uitslag wordt half maart 2019 bekend gemaakt. Mocht het project geselecteerd worden dan staat in de week van maandag 4 maart het kennismakingsgesprek gepland waarbij de synopsis wordt besproken met het team, en vindt aan het einde van de dag de algemene kennismakingsborrel plaats.

Shamira Raphaëla wint Karen de Bok Talent Prijs 2018

Regisseur Shamira Raphaëla heeft met haar filmplan Downfall of a Superwoman de Karen de Bok Talent Prijs 2018 gewonnen. De prijs werd voor het tweede jaar uitgereikt aan de winnaar van de IDFAcademy & NPO-fonds workshop. Een vijfkoppige jury beoordeelde de filmplannen van de zes documentaire talenten die deelnamen aan de workshop.

De prijs werd uitgereikt door juryvoorzitter Emile Fallaux. ‘De jury was aangenaam verrast door de diversiteit en kwaliteit van de filmplannen. Divers in de zin van culturele oriëntatie en opzet. De plannen zijn heel gevarieerd qua thematiek en vorm. Alle plannen zijn zeer de moeite waard. De jury is dan ook van mening dat, ongeacht de winnaar, alle films gemaakt moeten worden.’

‘In het winnende filmplan koppelt de regisseur een grote persoonlijke urgentie aan een zoektocht naar een gedurfde vorm om de ontwikkeling van de hoofdpersonen en zichzelf te verbeelden. De maker weet daarbij een keihard persoonlijk verhaal in een universele en wellicht controversiële context te plaatsen. In elk geval zal de film tot nadenken stemmen en discussies aanzwengelen. De jury is ontzettend benieuwd naar de verdere ontwikkeling van het filmplan.’

De Karen de Bok Talent Prijs ter waarde van €25.000 gaat naar de winnaar van de IDFAcademy & NPO-fonds workshop. Tijdens deze workshop ontwikkelen zes documentaire talenten, dit jaar onder begeleiding van Marjoleine Boonstra en Tom Fassaert, hun documentaire idee tot een filmplan. Zij gaan daarbij op zoek naar nieuwe vertelvormen en de grenzen van het genre. In het traject van vier maanden wordt samengewerkt met een producent en wordt tevens een teaser gerealiseerd. De financiële bijdrage wordt beschikbaar gesteld door het NPO-fonds voor de verdere ontwikkeling van het documentaire plan in samenwerking met een omroep. Bij het NPO-fonds kan vervolgens een aanvraag worden ingediend voor een productiebijdrage voor het project.
Vorig jaar werd de prijs in ontvangst genomen door Marina Meijer met haar filmplan C’est les autres. De film is inmiddels in productie na toekenning van een productiebijdrage door het NPO-fonds. Bovendien is Marina’s nieuwste film O amor é único dit jaar geselecteerd voor de IDFA Competition for Dutch Documentary.

Karen de Bok

De prijs is vernoemd naar Karen de Bok, zij was jarenlang programmamaker en hoofdredacteur Televisie bij de VPRO. Ze overleed in januari 2017. Hanneke Bouwsema (algemeen secretaris NPO-fonds): ‘Karen de Bok had als hoofdredacteur een bijzonder oog voor talent en vernieuwende makers; makers voelden zich door haar gezien, uitgedaagd en gestimuleerd. Wij vinden het fijn dat met deze prijs haar naam blijvend verbonden is aan het ontwikkelen en koesteren van talent.’

Tip van de maand oktober: zelf gebruiken, maak afspraken!

Tip van de maand oktober

Zelf gebruiken; maak afspraken!

Het is natuurlijk prachtig als je met een showreel of portfolio kunt laten zien wat je allemaal hebt gemaakt. Een mooie trailer van een film die je hebt geregisseerd of een fragment van het Tv-programma dat je hebt gemaakt op je website plaatsen, mag dat eigenlijk wel?

Het antwoord luidt: in principe niet, tenzij je daar goede afspraken over hebt gemaakt met de producent of omroep. Doorgaans draag je immers al je rechten over aan deze partijen, een aantal uitzonderingen daargelaten, waardoor zij verder kunnen bepalen wat er met de film, serie of het televisieprogramma gebeurt. Dit lijkt onrechtvaardig want het is immers door jou gemaakt. Maar de eerder genoemde overdracht maakt de producent of omroep doorgaans exclusief bevoegd; ‘met uitsluiting van ieder ander’ – zoals dat er vaak zo mooi staat- dus ook met uitsluiting van de maker.

Daarom is het verstandig om hierover in je contract afspraken te maken en bijvoorbeeld een clausule toe te voegen als: ‘Indien Regisseur fragmenten van de Film openbaar wil maken via haar website, zal hij/zij dit voorleggen aan Producent, die de toestemming niet op onredelijke gronden zal onthouden.’ Let wel, daarmee ben je er natuurlijk nog niet.  Soms wordt met een beroep op de Mediawet de toestemming voor eigen gebruik niet verleend. Het is dan verstandig om door te vragen welke artikelen uit de Mediawet worden bedoeld (en vervolgens de DDG even te bellen). Vaak wordt de Mediawet namelijk ten onrechte overal bijgesleept.

Ten slotte moet je ook bedenken dat zodra je een fragment of trailer op je website plaatst, jij zelf alle rechten moet regelen voor deze ‘openbaarmaking’. Bijvoorbeeld toestemming voor beeldmateriaal van andere makers of voor de muziek die het fragment bevat.

VERS Avond – maandag 5 november

VERS Avond – maandag 5 november

Om een filmscript tot leven te laten wekken wil je natuurlijk de mooiste locatie! Maar hoe vind je die? En wat is praktisch haalbaar?

Maandag 5 november duik VERS in de wereld van de locatiescouts, managers en film commissioners en je leert over vergunningen, regels en manieren om locatiehouders tevreden te houden!

Film Commissioner Ing Lim en Locatiemanager Tijn Heerkens zullen je deze avond voorzien van kennis en anekdotes over de meest uitdagende locaties in de filmwereld.

Datum: 5 november 2018
Tijd: 20:00-21:30 + BORREL
Locatie: VondelCS
Toegang: €5,- , maar gratis voor VERS en DDG leden op vertoon van de ledenpas 2018 (zorg wel dat je online je gratis kaartje reserveert).

Tickets zijn vooraf verkrijgbaar via eventbrite of aan de deur (alleen pin).

VR Days Europe 2018 daagt de werkelijkheid uit

Van 24 tot en met 26 oktober zijn er de VR Days Europe 2018, Europa’s toonaangevende conferentie en beurs op het gebied van virtual, augmented en mixed reality die zich richt op zakelijke innovatie en creativiteit.

Het driedaagse festival geeft de bezoekers antwoord op de centrale vraag: ‘Wat is de huidige stand van zaken op het gebied van XR-technologie en wat is de verwachting voor de toekomst van mixed reality?’ Het antwoord wordt geformuleerd tijdens VR Days Europe, maar vooralsnog wijst alles op vérgaande zakelijke mogelijkheden binnen een zich voortdurend uitbreidend spectrum van verticale marktonderdelen.

Conferentiedag, tentoonstelling, 3 symposia, lezingen en workshops
Ruim 140 internationale opiniemakers en experts geven lezingen en workshops tijdens het evenement. Deze groep bestaat uit koplopers uit de wereld van XR, creatieven die dagelijks met mixed reality werken en specialisten die voortdurend bezig zijn de techniek te laten aansluiten op de wensen uit de praktijk. Onder hen David Helgason, oprichter van Unity, Michael Buckwald, de man achter Leap Motion, Mel Slater, directeur van het Event Lab van de universiteit van Barcelona, Miriam Reiner, hoofd van het Laboratoruim voor virtual reality en neurocognitie van het Israëlische Instituut voor Technologie en Jaroslav Beck van Beat Saber.

Creatief en zakelijk komen bij elkaar
VR Days Europe festivaldirecteur Benjamin de Wit: ‘VR Days Europe brengt drie werelden bij elkaar: de research, de creatieve kant van VR, AR en XR en het cruciale zakelijke element. Praktijkvoorbeelden zullen duidelijk maken welke rol XR kan spelen bij het stimuleren van productiviteit, innovatieve trainingen en professionele ontwikkeling. Of je nu een XR-veteraan bent of wil proeven aan welke mogelijkheden er zijn voor jouw business, zorg dat je erbij bent tijdens de VR Days Europe zodat je klaar bent voor een toekomst die zo veelomvattend is als een VR-beleving.’

Ga voor meer informatie en tickets naar www.vrdays.co

Coaching Traject voor jonge regisseurs

Ook dit jaar organiseert DDG het mentoraat voor jonge, beginnende regisseurs, omdat uit de pilot van vorig bleek dat de deelnemers dit coaching traject als zeer waardevol en leerzaam hebben ervaren. We hebben het Filmfonds weer bereid gevonden dit financieel te ondersteunen, waardoor er voor de deelnemers geen kosten aan verbonden zijn.

Wat hebben wij voor ogen?
Jonge makers, die een paar jaar geleden een audiovisuele opleiding hebben afgerond en lid zijn van DDG, te koppelen aan een ervaren regisseur die advies kan geven op allerlei terreinen. Denk aan feedback geven op je filmplan, maar ook hoe kun je het schrijven van een regievisie het beste aanpakken? Waar moet je aan denken als je gaat onderhandelen met je producent, of als er een contract voor je neus ligt? Hoe kun je je spelregie het beste aanpakken? Bij welke omroepen passen jouw documentaire projecten? Kortom je vragen aan de mentor/coach kunnen op allerlei terreinen liggen.

Hoe aan te melden?
Ben je geïnteresseerd om deel te nemen aan dit mentoraat? Laat het ons weten. Er is plek voor vijf beginnende regisseurs. Stuur ons je filmografie, laat ons weten aan welke projecten je werkt en heel belangrijk, deel ons vooral je wensen mee over de terreinen waarop je gecoacht zou willen worden door een ervaren maker. Wat zijn de vragen die je aan je coach/mentor zou willen stellen? Of misschien weet je al door wie je gecoacht zou willen worden en waarom. Stuur ons je wensen en motivatie om deel te nemen en DDG zoekt voor jou onder de leden een ervaren regisseur, die de tijd heeft om je te coachen gedurende de periode november 2018 tot oktober 2019.

Zoals al eerder vermeld zijn er, dankzij een financiële bijdrage van het Nederlands Filmfonds, geen kosten verbonden aan deelname aan dit mentoraat.  Graag reacties met filmografie en motivatie sturen naar info@directorsguild.nl voor uiterlijk 25 oktober 2018 o.v.v. mentoraat, zodat in november al de eerste gesprekken kunnen plaatsvinden.

Het mentoraat wordt mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van het Nederlands Filmfonds. 

Oproep KORT!

NTR, het Nederlands Filmfonds, het NPO-fonds en CoBO organiseren voor de 19e keer KORT!. Nieuwe en gevestigde regisseurs en scenaristen krijgen de kans om hoogwaardige korte films met internationale potentie te maken. KORT! bestaat uit tien korte fictiefilms met een lengte tussen de 5 en 10 minuten. Ook plannen voor animatiefilms kunnen worden ingediend.

De films hebben een beoogde première op het Nederlands Film Festival in 2019, en een tv-uitzending in het zelfde jaar.

Wie komt in aanmerking?

Een productiemaatschappij die minstens twee jaar in Nederland, een lidstaat van de EU, EER of in Zwitserland gevestigd is en op continue basis films en andere audiovisuele producties produceert en exploiteert. De productiemaatschappij wordt vertegenwoordigd door een producent die als majoritair producent hoofdverantwoordelijk is geweest voor het realiseren van tenminste twee onafhankelijke (korte) fictiefilms* in Nederland die via festivals, TV en/of bioscoop vertoond zijn. Per producent en daaraan gelieerde bedrijven/entiteiten kan per aanvraagronde een maximum van twee projecten worden ingediend.

Van betrokken regisseurs wordt verlangd dat zij een relevante beroepsopleiding voor film met een eindexamenfilm hebben afgerond en in Nederland woonachtig en werkzaam zijn. Een regisseur komt in aanmerking voor maximaal één realiseringsbijdrage. Regisseurs die reeds drie keer een KORT! hebben gemaakt kunnen zich vijf jaar na de laatste deelname weer opnieuw aanmelden. De producent en de regisseur mogen niet dezelfde persoon zijn.

*Commerciële filmproducties zoals commercials, opdrachtfilms en videoclips worden hierbij niet als onafhankelijke filmproducties beschouwd.

Bijdrage
Maximaal € 73.500,- per film

Uiterste indiendatum
Dinsdag 27 november 2018  voor 17:00 uur
De uitslag wordt half januari 2019 bekendgemaakt

Procedure

De selectie vindt plaats op basis van uitgeschreven scenario’s. Er wordt nadrukkelijk gekeken naar de filmische potentie en urgentie van het scenario en de creativiteit en durf van de makers. Scenario’s met  Nederlandstalige dialogen en narratieve films met een eigentijds onderwerp voor een volwassen publiek hebben de voorkeur. Een regievisie is een vereiste.

Zie voor de volledige informatie de website van het Filmfonds.
Alle KORT! films van de eerdere edities zijn te bekijken op kort.ntr.nl

Verslag debat ‘Werken voor een kratje bier’ – Over auteursrechten met politici en makers

Deelnemers debat
Gespreksleider: Frénk van der Linden (journalist)
Sidekick: Marjolein Beumer (actrice en scenarioschrijfster)

Deel 1 Makers: Esmé Lammers (regisseur), Will Maas (muzikant en docent), Inge van Mill (fotograaf), San Fu
Maltha (producent) en Ruud Rogier (fotojournalist)

Deel 2 Beleidsmakers: Peter Kwint (Tweede Kamerlid SP), Paul Solleveld (voorzitter Platform Creatieve Media
Industrie) en Erwin Angad-Gaur (voorzitter Platform Makers)

In de inleiding schetst Van der Linden de huidige situatie rondom het auteursrecht. Hij haalt ter illustratie Kees Schaepman, vice-voorzitter van Lira, aan: ‘Soms, heel soms als ik tot mij laat doordringen hoe journalisten tegenwoordig met zich laten sollen, dan zinkt mij de moed in de schoenen. Zij werken voor minder dan een uurtarief van een pizzakoerier.’
Hoewel op 1 juli 2015 het auteurscontractenrecht werd ingevoerd om de culturele sector te beschermen tegen onbillijke voorwaarden en vergoedingen, lijkt er na drie jaar niet veel veranderd.

Verwachtingen
Van der Linden vraagt de deelnemers in de zaal wat zij van het debat ‘Werken voor een kratje bier’ verwachten. Een veel gehoord geluid is, dat makers gemaakte afspraken niet ter discussie durven stellen uit angst om geen opdrachten meer te krijgen. Dit beeld bevestigt freelance journalist Sheila Sitalsing in een filmpje. Zijzelf heeft niet te klagen, maar ziet om haar heen collega’s dagen ploeteren voor 13 cent per woord. Op papier lijkt het auteurscontractenrecht goed geregeld, maar opdrachtgevers hebben volgens haar een monopoliepositie en dat moet anders.
Makers zien onvoldoende terug van de opbrengsten, vindt men. De opmerking van fotojournalist Rogier dat de ACM moet worden afgeremd in haar pogingen om collectief onderhandelen in de sector onmogelijk te maken, levert applaus op.
Grote partijen kunnen doen wat ze willen en de freelancer staat met z’n rug tegen de muur, vinden de makers.
Marjolein Beumer (scenarist) geeft aan dat scenaristen zich in een hele kwetsbare positie bevinden, omdat ze hun rechten overdragen. Omdat zij aan het begin van een proces staan, is er voortdurend sprake van een basisonzekerheid. Een onzekerheid die overige makers herkennen.

Deel 1 Makers

Focus van de makers
In deel 1 van het debat het werkveld aan het woord. Maas wil vooral weten wat toekomstige professionals kunnen verwachten op het gebied van auteursrecht. Van Mill zag de situatie 15 jaar geleden al verslechteren en ziet deze alleen maar erger worden. Het doet haar verdriet dat ze als eenpitter niet op kan tegen grote organisaties. Maltha (filmproducent) vindt dat de politiek ervoor moet zorgen dat er meer wordt verdiend. Geld gaat nu naar fondsen en stimuleringsmaatregelen worden niet gebruikt. Lammers pleit voor optimale transparantie over wat er met verdiende gelden gebeurt. Voor haar succesvolle film Soof 2 is ze naar de Geschillencommissie geweest, omdat er van de 8 miljoen exploitatie voor de makers onder de streep slechts 15.000 euro overbleef. Ook Rogier is met een klacht over een te geringe beloning en onbillijke voorwaarden naar de Geschillencommissie gestapt, maar zijn opdrachtgever Persgroep weigerde deel te nemen en stelde voor naar de rechter te gaan. Hiervoor ontbreekt het zelfstandig ondernemers aan middelen.

Gezamenlijk belang
Ook volgens Maas is de overheid aan zet. Voor zijn leerlingen moeten contracten straks goed zijn georganiseerd. Lammers valt hem bij door aan te geven dat jonge makers niet meer kunnen maken wat ze willen. Drie basisbehoeften voor makers zijn volgens haar: autonomie, zicht houden op wat er met je werk gebeurt en een goede boterham bij succes. Aan deze drie voorwaarden zou een goed functionerende auteurswet volgens haar moeten voldoen, maar doet dat in de praktijk niet. Beumer wil benadrukken dat de discussie niet alleen een issue is van de makers, maar van de hele sector. Producenten als Maltha moeten in gesprek gaan met het Filmfonds om te benadrukken dat er zonder makers niks ontstaat. Maltha vindt dat er in de filmsector mensen zijn die veel geld verdienen, maar niet aan de kant van de makers of de producenten en benadrukt vooral het gezamenlijke belang.

De macht van de makers
Op de vraag van Van der Linden of de makers hun macht wel voldoende organiseren, komt geen eenduidig antwoord. Wel geeft Van Mill aan dat er van beide kanten een mentaliteitsverandering moet komen. De koek moet eerlijk worden verdeeld maar is misschien wel te klein, is een ander geluid. Volgens Rogier trekken de grote jongens alles naar zich toe en laten kruimels achter. Lammers brengt in dat als we op onze auteursrechten gaan zitten, er geen film meer wordt gemaakt. Angad-Gaur vindt dat er teveel focus wordt gelegd op de koek. Er is volgens hem sprake van een stijgend verdelingsprobleem.

Ideale situatie over drie jaar
Maltha pleit voor meer inzicht en begrip in de sector voor wat de ander doet. Hij hoopt dat de stimuleringsmaatregelen die er zijn volledig worden benut en dat fondsen ophouden met kruimels najagen, wat ten koste gaat van de makers en producten. Als de producent niet eerst de fondsen terug hoeft te betalen, maar ook de makers zou kunnen laten meedelen zou in de filmwereld veel gewonnen zijn. Van Mill ervaart dat de huidige situatie vooral ten koste gaat van de kwaliteit.
Voor haar is de maat vol; zij blijft niet in Nederland, omdat voor goede kwaliteit niet wordt betaald. Maas laat zich niet wegjagen en ziet kansen in samenwerking en transparantie. Ook Rogier streeft naar eerlijke oplossingen. Lammers wil dat er door het Filmfonds voorwaarden aan subsidies worden verbonden, net als Europese richtlijnen voor honoraria en vraagt zich af waarom we dit niet overnemen.

Deel 2 Beleidsmakers

Reacties op de makers
Rosa Garcia López van de NVJ ziet goede punten voorbij komen en acht mentaliteitsverandering nodig bij mediapartijen. Een winstmarge van 8 procent voor mediabedrijven vindt zij geen argument. Zij vindt dat vooral organisaties met een maatschappelijk belang genoegen moeten nemen met een lagere winstmarge en dat dit afdwingbaar moet zijn. Stemacteur Marc Omvlee denkt dat de kwaliteit van de sector totaal verloren gaat; het publiek neemt in heel veel opzichten met mindere kwaliteit genoegen. Een vertegenwoordiger van de beroepsvereniging van filmmakers vindt dat de wetgeving moet worden aangepast om een eerlijk auteurscontract te waarborgen. Volgens hem moeten we bij wet regelen dat partijen zich niet mogen onttrekken aan de Geschillencommissie. Ook vindt hij dat er een level playing field moet komen voor de grote ongelijke markt waarin we ons nu bevinden: deze situatie is door de overheid gecreëerd, maar Justitie & Veiligheid staan aan de kant te kijken. Een andere beleidsmaker wil ruimte voor adviestarieven voor alle beroepsverenigingen voor makers. De Kunstenbond ziet na jaren een proces van collectief onderhandelen mogelijk worden, maar vindt dat de taart groter moet en het proces sneller, want iedereen gaat eraan ten onder.
Frits Lintmeijer, voorzitter van PAM (Portal Audiovisuele Makers) vult aan dat de toekomst van audiovisuele exploitatie meer en meer bij Video on Demand ligt en dat de wet nu juist die exploitatie buiten beschouwing heeft gelaten, waar hoofdmakers een redelijke vergoeding hebben gekregen. Dat zou gecorrigeerd en gemoderniseerd moeten worden.

Angstcultuur
De makers moeten dus iedereen op een lijn zien te krijgen, vat Van der Linden samen. Lammers geeft aan dat er veel angst heerst. Volgens haar moeten belangenverenigingen een veilige haven creëren voor makers. Jan Hilbers, directeur van de Auteursbond, geeft aan dat er al jarenlang sprake is van globalisering. Er is volgens hem geen level playing field, dus we kunnen het niet aan de markt overlaten. Hij vindt het schaamtevol dat we in Nederland slechts 4 tot 6 procent van de nationale begroting van wat er omgaat in de sector over hebben voor cultuur. Een journalist signaleert dat het microbelang boven het maatschappelijk belang gaat. Wanneer freelancers niet werken voor minder dan 13 cent per woord, dan doet een ander dat.

Systeemcrisis
Volgens Peter Kwint (SP) is er sprake van een systeemcrisis, omdat de makers tegen elkaar worden uitgespeeld. Hij vindt dat de politiek er qua mededingingsrecht een bende van heeft gemaakt. Solleveld (PCMI) ziet auteursrecht als de basis van de sector. Makers en producenten zijn partners en moeten collectief onderhandelen, alleen zijn de verschillen binnen sectoren groot. Wat Van der Linden verbaast is dat de NVPI, waarvan Solleveld directeur is, niet is aangesloten bij de Geschillencommissie. Hij krijgt bijval van de zaal. Solleveld geeft aan dat de leden de commissie niet laagdrempelig genoeg vinden en spreekt namens hen wanneer hij aangeeft geschillen aan tafel te willen oplossen. Angad-Gaur (voorzitter Platform Makers) meldt dat zelfs de door ons allen betaalde Publieke Omroep zich niet inschrijft bij de Geschillencommissie. Dat vindt hij niet uit te leggen. Hij constateert dat creëren op deze manier een hobby wordt en dat meer en meer makers daarnaast meer geld verdienen met een vaste baan buiten de sector. Er is volgens hem sprake van marktfalen; dat is ook de constatering van overheid en politiek geweest en niet alleen de zijne. Daarom is het auteurscontractenrecht er gekomen. Alleen beperkt de wet zich grotendeels tot het geven van instrumenten aan de markt. Dat de grote marktpartijen geen belang hebben die instrumenten te gebruiken ligt volgens hem voor de hand. Marktfalen kan men niet oplossen door de markt zelf bepalend te laten zijn. Daarin ligt het falen van de wet. De overheid
zal ook flankerend beleid moeten voeren.

Wat moet beter?
Kwint pleit voor het verplicht stellen van het toetreden tot de Geschillencommissie. In auteurscontracten moet vervolgens worden opgenomen wat wel mag en wat niet. Daarnaast moet ook de sociale zekerheid volgens hem beter worden geregeld voor ZZP’ers. Iedereen is het erover eens dat zelfregulering niet werkt. Solleveld zou als hij premier was nieuwe regels in het auteursrecht opnemen en daarnaast een moreel appèl doen om gezamenlijk te onderhandelen. Hij is voorstander van een verplichte Geschillencommissie. Hij adviseert om standaard normen in te voeren. Volgens Angad-Gaur kan collectief onderhandelen een onderdeel zijn van de oplossing, maar is er een groter probleem: de markt moet collectief onderhandelen, en mag dat in heel beperkte mate over auteursrechtelijke vergoedingen, maar er is geen prikkel die ervoor zorgt dat de grote marktpartijen gebruik maken van deze mogelijkheid. De behoefte aan tarieven verschilt volgens hem per sector. Maar er zijn ook andere afspraken dan tarieven die een verschil kunnen maken. De overheid moet eerlijke contractvoorwaarden verplicht stellen bij subsidie, daarmee een norm stellen en verschil maken. Hij noemt het nieuwe investeringsfonds Pop als voorbeeld. Daar wordt fair practice met concrete regels onderdeel van subsidievoorwaarden. Van Mill stelt vanuit de zaal dat minimumtarieven de markt nog slechter zullen maken, het wordt al snel de norm; zij pleit voor een basisinkomen voor iedereen. Kwint vindt minimumtarieven geen gek idee, omdat de prijs aan het zakken is en minimumtarieven de druk naar beneden tegenhouden. Angad-Gaur adviseert afspraken die meer behelzen dan een minimumtarief; de behoefte daaraan verschilt per sector. In contracten mag dan bijvoorbeeld niet staan dat de producent zich auteursrechten (via Buma) of naburige rechten (via Sena) die volgens collectieve afspraken aan de maker toebehoren via een kickback laat terugbetalen. Met dergelijke afspraken kunnen we volgens hem verschil maken. Terwijl in andere sectoren een minimumtarief echt een oplossing kan zijn. Ook zou het toestaan van adviestarieven in sommige sectoren al een stuk winst opleveren. Dat moeten de betrokkenen in elke sector zelf bepalen.

Tot besluit
Overigens merkt een maker op, dat er ook op het gebied van het filmauteursrecht sprake is van een inkomensval van sommige groepen. Het hoofdmakersverhaal is in de nieuwe wet niet goed gedefinieerd. Angad-Gaur geeft desgevraagd aan, dat dit inderdaad vreemd is gelopen. In de oorspronkelijke consultatietekst van het filmartikel (45d lid 2) was sprake van een grotere groep makers. Dit is om onduidelijke redenen gewijzigd. Een deel van de Tweede Kamer heeft hier ook commentaar op gehad, waaronder vertegenwoordigers van D66 en de SP. Het was een van de redenen waarom een tussenevaluatie aan de Kamer werd toegezegd.
Vast staat dat de makers centraler moeten worden gesteld in de culturele sector, concludeert Van der Linden. Op 4 oktober vindt er Algemeen Overleg Auteursrecht plaats in de Tweede Kamer. Angad-Gaur is benieuwd naar de uitkomsten van het overleg. Een ding is volgens hem zeker: zolang beleidsmakers denken dat auteursrechten en creativiteit een hobby zijn, is er nog een lange weg te gaan.

Foto’s: Wilmar Dik